Toegankelijkheid en bereikbaarheid
Verbindingen met honderden havens
Vanuit Rotterdam zijn verbindingen met honderden havens over de hele wereld, ook wel het voorland genoemd. Jaarlijks bezoeken zo'n 35.000 zeeschepen de Rotterdamse haven. De schepen varen via de belangrijkste scheepvaartroutes over de wereldzeeën.
Grote diepgang
De haven van Rotterdam is diep genoeg om de grootste schepen ter wereld te ontvangen, zoals mammoettankers, ertscarriers en containerschepen. Daarvoor is voor de kust, in de Noordzee, de Eurogeul gegraven. De Eurogeul is 23 meter diep en heeft een lengte van 57 kilometer.
In de haven zelf zijn de Nieuwe Waterweg, het Calandkanaal en het Hartelkanaal gegraven. Het Calandkanaal is geschikt voor de grootste, diepstekende schepen en geeft toegang tot de Maasvlakte en het Europoortgebied. De Nieuwe Waterweg loopt naar de andere havengebieden, die dieper het land in liggen. Door te baggeren blijven de vaargeul, de rivier en de havenbekkens op de juiste diepte. Dit gebeurt in opdracht van het Havenbedrijf Rotterdam en Rijkswaterstaat.
Baggeren, een continu proces
De rivieren nemen stroomafwaarts heel veel slib mee, dat hier vanwege de getijden bezinkt. Ook wordt er vanuit zee veel slib aangevoerd. Omdat de haven altijd goed bereikbaar moet zijn, zijn er continu baggerschepen aan het werk. Deze zuigen het slib op van de bodem en brengen het weg.
Veel van het slib wordt gestort op zee. Een klein deel is helaas vervuild. Dat slib gaat naar de Slufter op de Maasvlakte. De Slufter is een enorm bassin met een oppervlakte van 350 voetbalvelden. Zeker tot 2025 is hier voldoende ruimte om vervuild slib veilig op te bergen. Met bedrijven langs de Rijn en Maas in Nederland, Duitsland, België en Frankrijk is afgesproken dat ze steeds minder afvalstoffen in de rivier lozen. De laatste tien jaar is het slib dus ook alsmaar schoner geworden.

