Treinen over het Theemswegtracé

Vier kilometer havenspoorlijn verleggen, twee nieuwe bruggen bouwen, wegen aanpassen en een betonnen windscherm doorbreken. Het project Theemswegtracé is van start. Met als doel een betere doorgang voor treinen en schepen rond de Calandbrug.

Treinen, wegverkeer en scheepvaart zitten elkaar bij de vijftig jaar oude Calandbrug bij Rozenburg steeds meer in de weg. Er gaat steeds vaker (trein)verkeer over de brug, die ook nog eens een paar keer per dag opengaat voor scheepvaart. Om ervoor te zorgen dat al die verkeersstromen soepeler de haven in en uit kunnen, loopt het treinspoor straks niet meer over de Calandbrug, maar een goede kilometer zuidelijker. De eerste trein moet in 2021 over het nieuwe spoor rijden. Voor die tijd doet het Havenbedrijf Rotterdam samen met ProRail een flink aantal aanpassingen langs de nieuwe route. De aannemer is nu begonnen aan het eerste deel van de verlegging: de bouw van een verhoogd spoor viaduct tussen de bedrijven in de omgeving door. Het spoor komt namelijk op twee plaatsen over de nieuwe stalen boogbruggen te lopen. Deze enorme objecten worden elk in een lang weekend zorgvuldig op hun plek gemanoeuvreerd.

Windscherm

Ook het betonnen windscherm op de route wordt aangepakt. Het scherm ter hoogte van de Rozenburgsesluis zorgt met 129 schaaldelen van 25 meter hoog dat de scheepvaart niet uit de koers loopt bij het passeren van de Calandbrug. Drie van deze schaaldelen zijn verwijderd, zodat het nieuwe spoor erdoor kan. Op deze plek is een nieuw windscherm van 27 smallere delen gebouwd om de wind te blijven tegenhouden.

Architect Maarten Struijs tekende het windscherm in de tachtiger jaren en begeleidde nu ook het ontwerp voor het Theemswegtracé. Hierin zijn extra maatregelen opgenomen om het geluid van het spoor te beperken, zoals een ballastbed en een opgehoogde muur naast de rails. De aanleg van het spoor, met alle beveiligingssystemen, is vervolgens weer een project op zich. De investering voor het gehele project Theemswegtracé bedraagt 300 miljoen euro, gefinancierd door Havenbedrijf Rotterdam, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de Europese Commissie.