Palen zo groot als een Boeing 747

Sif Group fabriceert eerste monopiles op Maasvlakte 2

Een primeur op Maasvlakte 2. Daar heeft Sif Group vorige week de eerste funderingspalen voor windmolens op zee opgeleverd. Forse jongens: langer dan een Boeing 747 en met de doorsnede van twee forse stationwagens. Als de fabriek in 2017 op volle sterkte draait, produceert hij een Eiffeltoren aan staal per twee-en-een-halve-week. Tijd voor een sneak preview.

Wie recent FutureLand heeft bezocht, kan het gigantische complex in aanbouw achter het informatiecentrum over Maasvlakte 2 niet zijn ontgaan. Vijfhonderd meter lang, vijftig meter breed: dit is zonder twijfel een van de grootste fabriekshallen van Nederland. Dik drie voetbalvelden passen er met gemak in. Wie naar binnen wandelt, voelt zich dan ook onmiddellijk een beetje krimpen. De werklui in veiligheidskleding die hier rondwandelen, lijken – als je even tussen je oogharen doorkijkt – wel lego-mannetjes op een speelgoedwerkplaats. Zo zeer is de menselijke maat zoek. Zelfs een vliegtuig zou op deze plek nog bescheiden aandoen.

Ringen uit Roermond
De oversized afmetingen van deze hal zijn niet voor niks. Want ook het product dat hier sinds vorige week wordt gemaakt, is aan de maat: funderingspalen voor windmolens op zee. Monopiles in jargon. Tachtig meter lang, bijna even groot als de opbouw op de Euromast. En tot elf meter in doorsnede, hoog genoeg om er anderhalve gezinswoning in te stapelen. ‘Die palen bestaan niet uit één stuk staal’, legt Jan Bruggenthijs uit, de chief executive officer (ceo) van Sif Group die de rondleiding verzorgt. ‘Ze worden opgebouwd uit losse ringen die we maken in onze fabriek in Roermond’, vertelt hij, wijzend naar een stuk buis van ongeveer vier meter lengte. ‘De ringen worden vervoerd per binnenvaartschip. Als ze hier zijn aangekomen, lassen we ze aan elkaar tot monopiles met dit unieke lasapparaat met vier laskoppen.’

Nieuwe havenbanen
Dat Sif Group nu al zijn eerste monopiles oplevert, mag een klein wonder heten. Een jaar geleden was dit nog een zanderige vlakte en de inkt onder het contract van Sif Group en het Havenbedrijf nog nauwelijks droog. Maar waar een wil is en de belangen samenvallen, kunnen in korte tijd grote stappen worden gezet, stelt Bruggenthijs. ‘Voor Sif Group was het belangrijk om over een productie- en op- en overslagterminal te beschikken dichtbij de Noordzee – daar verrijzen immers de windmolenparken waarvoor wij de funderingspalen maken.’ En het Havenbedrijf wilde graag een voet tussen de deur bij de offshore (wind)industrie, een belangrijke groeimarkt nu hernieuwbare energiebronnen steeds meer de rol van fossiele brandstoffen gaan overnemen, vertelt Joost Eenhuizen van het Havenbedrijf. ‘Dat biedt ons kansen om bedrijvigheid – en dus nieuwe havenbanen – naar Rotterdam te halen.’

Bescherming tegen zeewater
‘En dan kan het ineens heel hard gaan’, zegt Bruggenthijs, terwijl hij een weids armgebaar maakt richting de gigantische hal. Niet dat alles al klaar is. Zo wordt nog met man en macht gewerkt aan de loods achter de productiehal waar straks de funderingspalen worden gecoat. Die coating beschermt de monopiles tegen de invloed van het zoute zeewater. Bruggenthijs: ‘Om toch de eerste lading monopiles op tijd te kunnen opleveren, doen we de coating voorlopig in een geïmproviseerde tent op het terrein.’

Diepststekende kade van de haven
Elders zijn bouwvakkers druk in de weer met het storten van beton voor de meest diepstekende kade van de Rotterdamse haven, een bouwkundig hoogstandje waarvoor het Havenbedrijf verantwoordelijk is. Bij voltooiing moet hij zo’n dertig meter hoogteverschil tussen kade en zeebodem overbruggen zonder te bezwijken onder de gigantische belasting van monopiles op de kade en offshore werkschepen ervoor. Deadline voor de eerste 150 meter: 23 december. Dan moet Sif Group de eerste lading monopiles afleveren bij het Galloper offshore windpark voor de kust van Engeland.

Schepen met poten
Dat vervoer gebeurt met gigantische offshore installatieschepen, zoals de Aeolus van de Nederlandse waterbouwer Van Oord die ook tijdens de Wereldhavendagen te zien was: 139 meter lang, 38 meter breed, uitgerust met een kraan met een hijsvermogen van ruim 900 ton. Kenmerkend voor dit type schip zijn gigantische poten – in het geval van de Aeolus van wel 85 meter lang – waarmee ze stabiel op de zeebodem staan tijdens de werkzaamheden.

Techneuten gezocht
Straks zal het een komen en gaan van deze werkschepen zijn, want als de terminal helemaal klaar is – ergens in de loop van 2017 – verwacht Sif Group vier monopiles per week te produceren. Maar voor het zover is, moet er nog flink wat personeel worden geworven en getraind. ‘Als we straks op volle kracht draaien, werken hier zo’n 150 man in ploegendiensten’, zegt Bruggenthijs. ‘Het zijn vooral lassers en operators die we zoeken. Precieze techneuten met een verantwoordelijkheid gevoel die – net als wij – gaan voor de hoogste kwaliteitsstandaard. Wie zich daarin herkent, mag solliciteren.’

Wind op zee

Windenergie is booming. Nederland legt de komende zeven jaar de vijf grootste windparken van Europa aan die stroom gaan leveren voor 5 miljoen Nederlandse huishoudens. Deze offshore windmolens worden steeds groter en krachtiger. Momenteel is de spanwijdte van de wieken van de nieuwste generatie molens 164 meter, groter dan twee jumbo jets achter elkaar. Sif Group is marktleider als het gaat om de productie van de funderingspalen die de windmolens stevig in de zeebodem verankeren. De komst van dit bedrijf naar Maasvlakte 2 is voor Havenbedrijf Rotterdam een belangrijke eerste stap om deze industrie ook naar de Rotterdamse haven te halen.

Het Havenbedrijf en de Sif Group hebben de fabriekshal op Maasvlakte 2 in recordtijd uit de grond gestampt, zodat de funderingspalen zo snel mogelijk richting de plaats van bestemming kunnen: windparken op zee.

Choose your language

Choose your language