Van vismeel naar verkering: het liefdesverhaal van Joop en Tiny

Joop en Tiny Koudijs herkennen de Merwehaven bijna niet meer terug, de plek waar het in 1963 allemaal begon. Hij viel hier als 23-jarige waterklerk in een plas vismeel, voor de deur van het bedrijf waar zij als 20-jarige receptioniste werkte. De start van een lang leven samen.

Joop (78) en Tiny (76) zijn geboren in Rotterdam en beiden werkten ze in de haven. Tiny: ‘Vroeger hadden die havenarbeiders de beuk erin hoor, nu gaat alles geautomatiseerd. Wij hebben de overgang van de oude schepen naar containers meegemaakt. Daardoor is de haven enorm veranderd.’ Ook al genieten ze al een tijd van hun pensioen, ze lezen nog alles over de haven. Joop: ‘Daar blijf je toch trots op. Toen ik na een jaar buitenland de Rotterdamse haven weer zag, kreeg ik tranen in mijn ogen.’

Het stel vertoefde ook graag óp het water. Joop: ‘We hadden een grote wedstrijdzeilboot. Daar hebben we leuke prijzen mee gewonnen. Dan hing Tiny in de trapeze.’ Tiny: ‘Het liefst buitenboord, laat mij maar lekker buiten zijn.’

Waterklerk valt voor telefoniste

In de jaren 60 was de Merwehaven één en al bedrijvigheid. Joop: ‘Na mijn diensttijd ging ik werken bij Koudijs, het scheepvaart- en expeditiebedrijf van mijn vader. Als waterklerk regelde ik alle organisatorische en administratieve zaken aan boord van de schepen. Van de douaneformulieren tot aan de doktersafspraken van de bemanning.’
Tiny: ‘Ik werkte vanaf mijn 15e als receptionist en telefoniste bij Blaauwhoedenveemen later stuwadoorsbedrijf Presto. Als enige vrouw in een mannenwereld werd ik op handen gedragen, er werd goed op me gelet.’ Joop: ‘Ook de directeur hield haar in de gaten. Hij belde zelfs mijn vader of die wel wist dat wij verkering hadden. Zo ging dat in die tijd.’

Voor het zover was, moest Joop eerst in het gevlei komen bij Tiny, die de telefoon beheerde. Tiny: ‘Er waren altijd ongeduldige klieren. Als die mij niet zinden, verwisselde ik expres de stekkers van de telefoon.’ Joop: ‘Ik was een brave jongen en stapte niet zomaar op haar af. Ik moest regelmatig bellen, maar vroeg altijd netjes toestemming en wachtte geduldig op mijn beurt.’

Op een zaterdag sloeg Cupido eindelijk toe. Joop: ‘Het regende en ik was aan boord van een schip dat een lading vismeel had gelost, grote stinkende plassen lagen op de kade. Ik struikelde vanaf de loopplank en viel zo voorover in de grootste plas vismeel!’ Als een verzopen kat liep ik langs Tiny’s kantoortje. Ze wenkte me naar binnen en vroeg wat er was gebeurd.’ Tiny: ‘Ik kon hem zo niet laten gaan natuurlijk, hij was altijd zo keurig verzorgd. Dat was ook wat me in hem aantrok. Dus ik zette hem in de verbandkamer en zei dat hij zich uit moest kleden. Toen heb ik zijn kostuum schoongemaakt zodat hij verder kon.’
Joop lacht: ‘Dat doet ze nu nog steeds, mijn kleren schoonmaken.’

‘Absence makes the heart grow fonder’

Daarna trok Joop niet meteen de stoute schoenen aan. ‘Ik vond Tiny echt een stuk, in haar rok op hoge hakken. Ze was uiterst vriendelijk en we konden goede gesprekken voeren. Maar pas na een paar maanden en een hoop zenuwen vroeg ik haar mee voor een kop koffie.’

Na meerdere afspraakjes werd de prille verkering op de proef gesteld: Joop werd een jaar naar Engeland gestuurd om de taal te leren. Tiny: ‘Bellen kostte een vermogen dus we schreven elkaar.’ Joop: ‘Met een Engelse collega ging ik vaak naar de kust. Hij zei ‘als je heel hard Tiny’s naam roept, hoort ze je wel.’ Ik heb flink wat geschreeuwd. Absence makes the heart grow fonder.’ Tiny: ‘Met dat Engels zit het nu wel goed!’

Op 6 juni 1964 was de verloving en op 1 december 1967 de bruiloft. Joop: ‘Bij beiden gelegenheden gingen we eten bij Formentor in Hillegersberg. Joop: ‘Daar liggen mooie herinneringen.’ Tiny bleef nog een tijd werken, ook bij het bedrijf van Joop. Het huwelijk kende ook mindere tijden. Het stel verloor hun eerste zoon na drie maanden. In 1996 overleed hun dochter van bijna 19. Joop: ‘Het was onbeschrijfelijk moeilijk maar Tiny en ik hebben het samen opgepakt en verwerkt. Onze zoon Jan Willem is uit 1973 en woont vlakbij met onze schoondochter. We zijn heel trots op hem.’

Geheim lang huwelijk

In de haven komt het stel niet veel meer. Joop: ‘Door mijn heupoperatie en niertransplantatie ben ik niet meer zo mobiel. Laat mij maar heerlijk hier in de tuin zitten, dat is een ongelofelijke kleurenzee.’ De liefde voor elkaar spat er na 51 jaar onverminderd van af. Wat is het geheim van een lang huwelijk? Joop, weer lachend: ‘Een slecht geheugen!’ Nee hoor, als je goed naar elkaar kunt luisteren, kom je ver. Iedereen heeft een gebruiksaanwijzing, die moet je leren kennen. Tiny is er altijd voor me en voelt haarscherp aan wanneer ik iets nodig heb.’

Tiny: ‘We doen alles samen, ook naar de dokter. Joop kan niet veel meer maar hij geniet van de dingen die nog wel kunnen. We accepteren de dingen zoals ze zijn. Met z’n tweetjes komen we een heel eind weg zo.’ Joop: ‘De vlinders van toen we dolverliefd waren, zijn allang weggevlogen. Maar we kunnen niet meer zonder de ander, we horen gewoon bij elkaar!’

Heb jij ook de liefde van je leven leren kennen in de haven van Rotterdam? Stuur jouw ‘love story’ op naar havenkrant@portofrotterdam.com En wie weet win jij wel een heerlijk ‘candlelight-diner’ met overnachting voor 2.

Lees het eerste liefdesverhaal

In de serie 'Love in the port' maken we kennis met liefdeskoppels uit de haven van Rotterdam. In de eerste editie: Tim en Lisette. Zij raakte al op jonge leeftijd besmet met het havenvirus. Hij werd verliefd op haar én de haven. De 32-jarige Lisette van der Pijl en 36-jarige Tim Joosen zijn bijna veertien jaar samen en hebben een zoontje, Sam, van twee.